23 mei, 2019

Het Helen Dowling Instituut (HDI) is één van de deelnemende instellingen van de nieuwe MATCH-studie. Hierin wordt onderzocht of een nieuwe vorm van cognitieve gedragstherapie beter werkt in de psychologische behandeling van vermoeidheid, angst voor terugkeer van kanker en depressieve klachten. Het onderzoek is toegankelijk voor een bepaalde groep kankerpatiënten.

Doel MATCH-studie

Vermoeidheid, angst voor terugkeer van kanker en depressieve klachten zijn de drie meest voorkomende klachten na kanker. Er bestaan psychologische behandelingen die bewezen effectief zijn in het verminderen van deze klachten. Het meest bewezen en onderzocht is cognitieve gedragstherapie: een behandeling gebaseerd op de veronderstelling dat door een verandering in iemands denken en doen, psychische klachten verminderd kunnen worden. Cognitieve gedragstherapie werkt echter niet bij iedereen even goed: wat bij de ene persoon goed helpt, helpt bij de andere persoon minder goed.

Deelnemers MATCH-studie

In de studie wordt onderzocht hoe de behandeling beter aan kan sluiten bij de wensen en behoeften van de patiënt. Het HDI is – naast diverse ziekenhuizen in Nederland – deelnemend behandelcentrum. Voor deelname aan het onderzoek moet aan bepaalde criteria worden voldaan. Een overzicht van deze criteria is te vinden op de website van Kanker.nl. De onderzoekers van de MATCH-studie screenen patiënten op deze criteria. Dr. Marije van der Lee, hoofd Wetenschappelijk Onderzoek bij het HDI, neemt de coördinatie op zich binnen het HDI. Er is een eerste selectie gemaakt van mensen die op de wachtlijst voor zorg bij ons staan. Zij zijn benaderd voor deelname en worden door een externe onderzoeksassistent ingelicht over de procedure.

Behandeling binnen de MATCH-studie

Deelnemende patiënten worden door loting verdeeld in twee groepen. Deze groepen worden met elkaar vergeleken. Patiënten in de controlegroep krijgen individuele cognitieve gedragstherapie. De therapie bestaat uit ongeveer 10 sessies van ongeveer 45 minuten (maximaal 6 maanden). De patiënt komt 3 tot 5 keer naar het behandelcentrum. De rest van de behandeling vindt plaats via het internet. Patiënten in de interventiegroep krijgen de nieuwe vorm van cognitieve gedragstherapie. Die therapie bestaat uit ongeveer 10 sessies van ongeveer 45 minuten (4-8 maanden). De patiënt kan kiezen hoe de behandeling gevolgd kan worden: in het behandelcentrum, via internet of een combinatie van beiden.