23 november, 2017

Een aantal jaar geleden werd ik voor de eerste keer ziek. Ik had zaadbalkanker. Dit werd op tijd geconstateerd, waardoor ik curatief te genezen was. Waar ik alleen geen rekening mee had gehouden, was de psychologische impact. Maar die was er wel degelijk. Ik kwam in een fikse depressie, maar gelukkig ook bij het HDI terecht. Na individuele- en groepstherapie had ik het gevoel dat ik de wereld weer aan kon. Ik schreef hier in 2014 al een column over voor het HDI.

De dag dat ik te horen had moeten krijgen dat ik twee jaar schoon was, kreeg ik te horen dat er vlekken op mijn scan waren gevonden. Heel bizar, ik voelde me fysiek juist heel goed. En toch was het foute boel en moest ik aan de chemo… De zaadbalkanker was nu uitgezaaid naar mijn lymfeklieren. Toen ik dit hoorde werd ik meteen kotsmisselijk.

Geconfronteerd met de realiteit

Om mezelf voor te bereiden op wat zou komen heb ik toen mijn haar preventief afgeschoren. Er was mij namelijk gezegd dat ik sowieso kaal zou worden. Binnen één knip- en scheerbeurt zag ik er ineens tien jaar jonger uit. Ik probeerde er om te lachen, maar dit was meer om mijn angst te verbloemen. Ik vertikte het om in te storten.

Maar toen moest ik naar het ziekenhuis voor de chemo. Ik lag op een kamer met allemaal hele oude, zieke mensen. Ineens sloeg bij mij de paniek toe. Niet omdat ik geen kamer met deze mensen wilde delen, maar omdat ik werd geconfronteerd met de realiteit. Ook al zat er een verschil van vijftig jaar tussen deze mensen en mij. We waren lotgenoten. We waren daar allemaal met hetzelfde doel: overleven.

Terug bij het HDI

In die periode in het ziekenhuis, heb ik me direct weer naar het HDI laten verwijzen. De depressie na de eerste diagnose was zo heftig, dat wilde ik voorkomen. Ik kon terecht bij mijn therapeut uit 2014. Ze is me zelfs komen opzoeken in het ziekenhuis. We hebben goed met elkaar gepraat over de paniek- en angstgevoelens en ze heeft de gehele periode een vinger aan de pols gehouden. Dit was zo fijn. Ik kreeg de ruimte om contact met haar te zoeken wanneer ik wilde, maar ik was nergens toe verplicht. De gesprekken bij het HDI waren echt een verademing en hebben voorkomen dat ik weer in een depressie belandde.

Mezelf groot houden

Na een zware periode in het ziekenhuis met enkele tegenslagen zat ik aan het eind van het traject. Ik wist dat ik nog heel even door moest bijten en dat het echte herstel dan kon beginnen. Maar ik was gewoon op. Ik kwam op een punt dat ik klaar was met mezelf groot houden. Ik zei bezoek af, op het moment dat ik merkte dat ik geen masker op kon zetten. Op dat soort momenten sloot ik mezelf af van m’n kamergenoten. Eenmaal afgesloten van iedereen durfde ik dan eindelijk (stilletjes) te huilen.

Een ander persoon

Uiteindelijk was ik schoon, maar mentaal en fysiek helemaal op. Gelukkig werd ik gesteund. Door mijn vrienden, familie en niet te vergeten het HDI. Inmiddels heb ik mijn therapie afgerond. Een tatoeage laten zetten die de twee keer dat ik kanker heb overleefd, vertegenwoordigt. And last but not least, ik voel me goed! Wat ik goed heb geleerd, is om vooral ook te genieten. Ik zal niet snel grote verwachtingen meer hebben voor de toekomst.

Ik voel me sowieso (weer) een ander mens. En dat is een persoon waar ik trots op ben. Een persoon die inziet dat hij al veel geleerd heeft en nog veel meer moet leren. Zoals mij bijvoorbeeld meer openstellen voor anderen. Dat doet kanker met je. Het verandert iets in je kern. Ik heb al een aantal keer gehuild als ik het met een vriend of vriendin over mijn ziekte had. Ik schaam me er niet meer voor. Daar ben ik het HDI heel dankbaar voor. Ik heb daar de tools gekregen om weer zelfredzaam te zijn.

Door: Marvin (30), sinds 2014 lid van de HDI cliëntenraad